Ondernemers inspireren ondernemers om bedrijventerreinen te vergroenen
Hoe maak je een bedrijventerrein klimaatbestendig, aantrekkelijk voor medewerkers en beter voor de natuur? Voor veel ondernemers klinkt dat als een ambitieuze opgave. Tegelijkertijd groeit het besef dat vergroening niet alleen bijdraagt aan maatschappelijke doelen, maar ook zakelijke voordelen oplevert. Om ondernemers daarbij te ondersteunen, hebben de Provincie Zuid-Holland, Rabobank en Haskoning een inspiratieproduct en een praktische rekentool ontwikkeld. Volgens bedrijventerreinenambassadeur Boyd Bartels kunnen deze hulpmiddelen precies het zetje geven dat veel ondernemers nodig hebben. Op 3 juli tijdens de 'Kennisdeler Vergroening Bedrijventerreinen' presenteerde Haskoning het inspiratieproduct en bespraken ondernemers, uitvoerders, overheid en financier hoe de beweging van het vergroenen van bedrijfsterreinen verder gebracht kan worden.
Samen meer waarde
Als ambassadeur bedrijventerreinen helpt Boyd Bartels, samen met medeambassadeurs Jaap Langhout, Edwin Markus en Ad van den Berg, ondernemers en terreinorganisaties in Zuid-Holland om samen te werken aan toekomstbestendige bedrijventerreinen. ‘Zo’n zes jaar geleden zijn we in gesprek geraakt met de provincie. Van de 650 bedrijventerreinen in Zuid-Holland bleek dat slechts 20 procent een vorm van organisatiegraad had. Maar als ongeorganiseerd terrein kun je weinig samen oppakken. Op een bedrijventerrein zit enorm veel kennis en ondernemerschap. Wanneer bedrijven samenwerken, ontstaat er vaak meer waarde dan ieder afzonderlijk kan creëren. Wij konden de lessen die we hadden geleerd in parkmanagement meenemen naar die niet-georganiseerde gebieden. Zo is die ambassadeursfunctie ontstaan.’
Wat is de waarde van vergroening voor bedrijventerreinen? Bartels: ‘Jarenlang hebben we bedrijventerreinen vooral functioneel ingericht: grijs, met zoveel mogelijk ruimte voor parkeren, opslag en logistiek. Inmiddels weten we wat de effecten zijn van groen op een terrein. Groen helpt bij het verminderen van hittestress, het opvangen van piekbuien en het versterken van biodiversiteit.'
'Daarnaast ontdekken steeds meer bedrijven dat een groene werkomgeving helpt om personeel aan te trekken en te behouden. Mensen werken graag op een plek waar aandacht is voor kwaliteit van de omgeving. Daarmee wordt vergroening onderdeel van een bredere beweging naar toekomstbestendige bedrijventerreinen. Terreinen die niet alleen economisch sterk zijn, maar ook voorbereid zijn op klimaatverandering en aantrekkelijk blijven voor werknemers.’
Inspiratie nodig
Boyd Bartels onderstreept hoe belangrijk praktijkvoorbeelden zijn – hij en zijn medeambassadeurs zijn allen ondernemer. ‘Ondernemers luisteren graag naar andere ondernemers,’ zegt Bartels. ‘Je spreekt dezelfde taal. Je wilt weten waarom iemand bepaalde keuzes heeft gemaakt, wat het heeft gekost en wat het uiteindelijk heeft opgeleverd. Dat maakt een praktijkverhaal veel krachtiger dan een theoretisch advies.’
Die overtuiging vormt de basis van het inspiratieproduct dat Haskoning op initiatief van provincie Zuid-Holland en Rabobank heeft ontwikkeld. In plaats van theoretische adviezen staan praktijkcases centraal van ondernemers die al concrete stappen hebben gezet op het gebied van vergroening, biodiversiteit en klimaatadaptatie. ‘De gedachte was: als we klimaatadaptatie en vergroening willen aanjagen, heb je naast subsidies, ambassadeurs en beleid ook inspiratie nodig. Laat ondernemers het verhaal doen. Laat ze vertellen waarom ze het hebben gedaan, wat ze hebben gedaan en wat het hen oplevert.’
Uit de praktijk
In het inspiratieproduct heeft Haskoning vier uiteenlopende bedrijfsprofielen uitgewerkt, waardoor ondernemers zich kunnen herkennen in een situatie die bij hun eigen organisatie past. Het 35 hectare tellende brouwerijterrein van Heineken in Zoeterwoude, dat in het kader van Groene Cirkel Heineken ecologisch is ingericht, is daar één van. Een ander voorbeeld is bouwbedrijf De Vries en Verburg in Stolwijk. Bij de uitbreiding van hun bedrijfspand kozen zij voor een zeer duurzame aanpak. Het nieuwe gebouw behaalde een BREEAM Outstanding-classificatie, internationaal een van de hoogst haalbare duurzaamheidsniveaus. ‘Daar zie je dat duurzaamheid niet alleen een kostenpost is,’ zegt Bartels. ‘De investering aan de voorkant is misschien hoger, maar op langere termijn levert het lagere exploitatiekosten op. Daarnaast zijn er voordelen die moeilijker in geld uit te drukken zijn, zoals een prettige werkomgeving, minder CO₂-uitstoot en medewerkers die graag op zo’n locatie werken.’
Financiële impact
Waar de praktijkverhalen vooral inspireren, is daarnaast een rekentool ontwikkeld om ideeën te vertalen naar concrete plannen. ‘Uiteindelijk wil iedere ondernemer weten: wat betekent dit voor mijn bedrijf?’ zegt Bartels. ‘Welke investeringen zijn nodig? Wanneer verdien ik die terug? En welke effecten kan ik verwachten?’ De rekentool biedt inzicht in kostenposten, aandachtspunten en kengetallen die relevant zijn bij vergroeningsmaatregelen. Daarmee kunnen ondernemers een inschatting maken van de financiële impact en mogelijke opbrengsten. Volgens Bartels verlaagt dat een belangrijke drempel. ‘Je hebt dan niet alleen de motivatie om iets te doen, maar ook een financieel kader. Dat helpt om een eigen businesscase op te bouwen. En je hoeft niet alles in één keer te doen. Als we allemaal een stukje bijdragen, maken we onze bedrijventerreinen sterker, aantrekkelijker en toekomstbestendiger. Niet alleen voor de bedrijven van vandaag, maar ook voor de generaties die na ons komen.’